Binnenkort met pensioen

Vlak voordat u met pensioen gaat, kunt u het pensioen dat u inmiddels hebt opgebouwd, aanpassen aan uw situatie en uw wensen van dat moment. Wilt u weten wat de gevolgen zijn van uw keuzes? Bereken hier uw pensioen.

Partnerpensioen uitruilen voor hoger ouderdomspensioen

Misschien hebt u bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd geen behoefte aan partnerpensioen. Bijvoorbeeld omdat u geen partner hebt of omdat uw partner zelf een goed salaris of pensioen heeft. U kunt dan het partnerpensioen geheel of gedeeltelijk omzetten in ('uitruilen') een hoger ouderdomspensioen. Uw partner moet hier dan wel schriftelijk toestemming voor geven, omdat de uitkering partnerpensioen dan vermindert of helemaal vervalt. Hierdoor wordt ook het wezenpensioen lager.

Ouderdomspensioen uitruilen voor partnerpensioen

Hebt u een partnerpensioen opgebouwd dat minder is dan 70% van het ouderdomspensioen? Dan kunt u ook een deel van uw ouderdomspensioen uitruilen voor partnerpensioen. Uw ouderdomspensioen wordt dan lager, maar daar staat tegenover dat uw partner na uw overlijden recht heeft op een hogere uitkering van het partnerpensioen (70% van het ouderdomspensioen). Hierdoor wordt ook het wezenpensioen hoger.

Prepensioen uitruilen voor hoger ouderdomspensioen

Als u deelneemt aan Pensioenregeling 2001, kunt u al vanaf 55 jaar met prepensioen gaan. De richtleeftijd daarvoor is 60 jaar. Werkt u (gedeeltelijk) door tot uw 65ste jaar, dan kunt u het prepensioen dat u hebt opgebouwd geheel of gedeeltelijk om laten zetten ('uitruilen') in ouderdomspensioen.

Ouderdomspensioen uitruilen voor hoger prepensioen

Als u deelneemt aan Pensioenregeling 2001 kunt u uw prepensioenuitkering verhogen door een deel van uw ouderdomspensioen uit te ruilen voor extra prepensioen. Uw pensioenuitkering na uw 65ste wordt dan wel lager.

Uitruil eenmalige keuze

Hebt u eenmaal voor uitruil gekozen? Dan kunt u dit na de start van uw pensioenuitkering niet meer terugdraaien. Dat geldt voor uitruil van partnerpensioen, prepensioen en ouderdomspensioen.

Variëren in hoogte pensioenuitkering

U kunt ervoor kiezen om uw pensioenuitkering in hoogte aan te passen. U begint dan met een hogere pensioenuitkering en krijgt daarna lagere pensioenuitkering. Dit kan alleen als u op uw 65ste volledig met pensioen gaat. Voorwaarde is dat de laagste uitkering gelijk is aan 75% van de hoogste uitkering. U kunt uw keuze niet meer aanpassen. U maakt deze keuze voor ten minste één en ten hoogste tien jaar.

 
print print icon